Opbouw
Het begin van een verhaal Een schrijver kan een verhaal op verschillende manieren beginnen te vertellen:
- Met een inleiding: de schrijver introduceert dan vaak de hoofdpersonen, de plaats waar het zich afspeelt en vertelt een stukje van de voorgeschiedenis. Met een inleiding zorgt de schrijver ervoor dat je al wat informatie hebt voordat je begint met het lezen van het echte verhaal. Zo'n inleiding wordt ook wel eens een 'proloog' genoemd.
- Aan het begin van de echte gebeurtenissen: waar het verhaal daadwerkelijk begint, begint de schrijver ook met vertellen. Je hebt geen 'voorafje' gehad, maar je valt ook niet midden in het verhaal
- In het midden van de gebeurtenissen: je valt midden in het verhaal, pas verderop in het boek kom je als lezer te weten wat er daarvoor gebeurd is. Het verhaal wordt dus niet helemaal op de juiste volgorde verteld. Als het verhaal in het midden in de gebeurtenissen begint, moet je altijd op de een of andere manier een terugblik krijgen, naar de gebeurtenissen die aan het begin zijn geweest.
- Aan het einde van de gebeurtenissen: de verteller vertelt achteraf het hele verhaal als in een grote terugblik.
Het einde van een verhaal Maar weinig verhalen hebben een echt eindpunt, waarin je met de hoofdpersoon meeleest totdat hij/zij overlijdt, zodat er daarna helemaal niets meer kan gebeuren. Je leest in boeken ook bijna nooit 'ze leefden nog lang en gelukkig' zoals in sprookjes. Toch hebben alle verhalen een einde, dat min of meer het verhaal afrondt.
We onderscheiden bij fictie twee soorten eindes:
- Het gesloten einde: een gesloten einde houdt in dat het hoofdprobleem is opgelost, de hoofdvraag is beantwoord. Dus de grote vraag/ het grote avontuur dat speelde in het boek is tot een einde gekomen.
- Het open einde: een open einde houdt in dat het hoofdprobleem niet is opgelost, de hoofdvraag blijft open, je weet dus niet hoe het verhaal zal aflopen.
Open of gesloten eindes hebben niets te maken met verhalen waarvan meerdere boeken zijn verschenen. Neem bijvoorbeeld de 'Harry Potter-serie' Er zijn wel zes boeken, maar elk boek heeft een afgerond verhaal, waarin het hoofdprobleem van dat boek wordt afgerond, dus een gesloten einde.
Een open einde heeft ook niets te maken met het feit of je er nog heel veel bij kunt bedenken of dat je niet weet hoe het verder gaat. Open of gesloten heeft alleen te maken met een wel of niet afgerond hoofdprobleem.
De cliffhanger In televisieseries, zoals Goede Tijden, Slechte Tijden, heb je bijna altijd open eindes. Deze eindes zorgen dat de kijkers de volgende dag weer voor de buis gekluisterd zitten, omdat ze willen weten hoe het verder gaat. Sterker nog, de programmamakers proberen op een zo spannend mogelijk moment te stoppen, zodat iedereen razend nieuwsgierig wordt. De cliffhanger (letterlijk vertaald 'het hangen aan een klif', wat best een spannend moment is om een serie te stoppen) maakt de kijker dus een beetje verslaafd, want stiekem wil je dan toch weten hoe het afloopt. In leesboeken worden cliffhangers vaak gebruikt aan het bijvoorbeeld het einde van een hoofdstuk. Een leesboek met een open einde eindigt vaak ook met een cliffhanger.

Met opbouw komt de spanning, cliffhangers maken je benieuwd!
Gesloten einde het hoofdprobleem is opgelost, de hoofdvraag is beantwoord Open Open einde het hoofdprobleem niet is opgelost, de hoofdvraag blijft open
Cliffhanger open einde, de volgende keer wil je weer gaan kijken/ lezen